Dubbelcongres IFHE-ZORG.tech in Antwerpen
Eind mei vonden in Antwerp Expo de gebundelde congressen plaats van het Belgische ZORG.tech en haar Europese koepelorganisatie IFHE-EU. Beide verenigingen van technische verantwoordelijken in de zorgsector en de 172 standhouders op de begeleidende vakbeurs konden gedurende de drie congresdagen rekenen op zowat 1.150 bezoekers uit twintig landen.
De uitstekende kwaliteit van de aangetrokken sprekers blijkt uit objectieve bron. Diverse standhouders getuigden dat het op de vakbeurs beduidend minder druk was tijdens de lezingen. Maar doordat die lezingen vooral het zorgbeleid op middellange en lange termijn betroffen, gaven bepaalde bezoekers er toch de voorkeur aan om meer tijd te besteden op de vakbeurs.

In haar welkomstwoord verwerkte Nathalie Van Baren, de kersverse (31 maart) Antwerpse schepen (in Nederland: wethouder) voor sociale zaken en seniorenzorg, haar recente persoonlijke ervaringen. “Ik weet hoe belangrijk het is dat zorg voelbaar blijft. Niet alleen in de cijfers en beleidsplannen, maar in het leven van mensen. In kleine details, in hoe een kamer aanvoelt, in hoe een deur opent en in hoe een gebouw rust brengt in plaats van stress. Daarbij denk ik spontaan aan mijn eigen grootouders – 78 en 86. Ze wonen nog zelfstandig, maar stellen zich stilaan vragen over de toekomst. Hun beeld van woonzorgcentra is helaas niet positief. Sinds de pandemie is het wantrouwen gegroeid. Voor hen klinkt ‘woonzorg’ te vaak als ‘opsluiting’ in plaats van ‘veiligheid’ of ‘comfort’. Daarom neem ik hen binnenkort mee op bezoek, om samen te ontdekken hoe het er vandaag écht aan toe gaat in de woonzorg. Wat er beter is dan gedacht, wat nog beter kan en vooral: wat het voor hen zou kunnen betekenen. Tegelijk leer ik zelf waar het nog wringt, wat we kunnen verbeteren en wat er nodig is om zorg echt toekomstbestendig te maken”, aldus de schepen, die zelf weldra weer moeder wordt.

“De onderwerpen van de lezingen lagen wat ver van ons bed”, is wel de mening van Ruben Kemels en Wim Stiers, biotechniekers aan het Universitair Ziekenhuis Brussel. “Wij zoeken hier oplossingen voor de vragen die onze verpleegkundigen ons stellen. Die betreffen vooral praktisch onderhoud en herstellingen. We doen hier ook aan netwerking, al spreken we toch vooral met mensen die we al kennen. Zo zijn de technieken voor de nieuwe operatiekamers, die we volgend jaar in gebruik nemen, al toegewezen, maar het is nuttig om te praten met de mensen die ze zullen leveren en installeren.”
Ziekenhuis Oost-Limburg stuurde haar technisch medewerkers uit twee ploegen van telkens zeven personen, elke ploeg gedurende één congresdag. “Dit is een uitstekende gelegenheid om rustig te praten met onze partners. In ons ziekenhuis zelf worden we tijdens zulke gesprekken altijd onderbroken door één of andere oorzaak”, getuigt Bert Stas, dienstverantwoordelijke HVAC. “Bij de sprekers raakte ik vooral onder de indruk van wat Dominique Vandijck en Masi Mohammadi vertelden, doordat hun uiteenzettingen ons deden meedenken over de evolutie van ons dagelijks werk. Het is ook een goede gelegenheid om van gedachten te wisselen met collega’s. Die kampen dikwijls met gelijkaardige problemen en bedachten al oplossingen, zodat we niet opnieuw het warm water moeten uitvinden. De stands van de leveranciers vergelijk ik met ISH in Frankfurt. Het grote pluspunt van ZORG.tech is dat de stands worden bemand door mensen met een doorgedreven technische achtergrond, terwijl je in Frankfurt veeleer te maken krijgt met commerciële medewerkers.”


Masi ging in op de toenemende rol van artificiële intelligentie (AI), ook in de zorg. “Ik zie geen problemen, alleen maar kansen”, aldus de hoogleraar aan de Technische Universiteit Eindhoven. Ze pleitte ook voor een verschuiving van zorginstellingen naar zorgomgevingen. AI kan daar volgens haar veel aan bijdragen, door mensen met beginnende dementie thuis te assisteren, individueel afgestemd.
Dr. Dominique Vandijck, professor gezondheidseconomie aan Universiteit Gent, bekeek het raakvlak tussen kwaliteit en betaalbaarheid van de zorg. “Kwaliteit staat voorop, maar de middelen zijn niet onbeperkt. We moeten de bestaande concepten beter gebruiken en daarbij uitgaan van het standpunt van de patiënt, van ‘betalen om dingen te doen’ naar ‘de juiste dingen doen’. De regelgeving voor de financiering gebeurt best op een zo hoog mogelijk niveau, federaal of zelfs Europees. ¶
Het bestaande Belgische gezondheidssysteem, gebaseerd op solidariteit, kan daarvoor een goede basis vormen. Maar we moeten bepaalde structuren durven herdenken. Zo hoeft niet elk ziekenhuis elk specialisme aan te bieden. Hooggespecialiseerde medische technologie kan gecentraliseerd worden, terwijl infrastructuur voor veel voorkomende ingrepen het best dichtbij de patiënten wordt aangeboden.”

“Wij hebben ervoor geopteerd om zelf geen stand te huren”, zegt architect Veerle Wijffels, projectverantwoordelijke bij Detoo Architects (Gent). “Het is niet doenbaar om zelf een stand te bemannen, om (mogelijke) klanten te woord te staan en tegelijk te spreken met (mogelijke) leveranciers. Al onze projectverantwoordelijken zijn hier van de partij. We zijn niet specifiek op zoek naar iets, maar kijken rond en vragen soms naar technische details, zoals die rond brandveiligheid. We bezoeken per thema meerdere standhouders. Op basis van de gegeven antwoorden kunnen we daarna beslissen wie van hen we uitnodigen voor een verder gesprek. Dat hoeft er slechts één te zijn. We ontvangen natuurlijk ook veel informatie per mail, maar dat is een zwakkere basis voor selectie, omdat de grootste roepers er het meest opvallen.”
Voor Ives Van Moorhem, beleidsmedewerker en teamcoach bij de technische dienst van zorgorganisatie Leieborg (Deinze) leverde het congresbezoek meteen een praktisch resultaat op. “Ik vond hier een geschikte partner voor de uitwerking van groepsaankopen en het beheer van de facturering van elektriciteit, aardgas en water. In het kader van ons Masterplan was ik op zoek naar producten en partners die kunnen bijdragen aan een efficiënte en onderhoudsarme organisatie van legionellapreventie en waterbehandeling, inclusief de afvoer van afvalwater.”

Het is een vaste traditie van ZORG.tech om tijdens het congres een ‘sociale prijs’ uit te reiken aan een aantal instellingen die een bijzonder initiatief hebben opgezet binnen hun muren. Voor de sociale prijs komen telkens alleen instellingen uit de organiserende provincie in aanmerking, dit om een gezonde geografische spreiding van de winnaars te verzekeren. Ook erg kleinschalige initiatieven komen ervoor in aanmerking. In 2025 bestaat de prijs uit een cheque van 3.000 euro voor het eerste geselecteerde project en respectievelijk 2.000 en 1.000 euro voor het tweede en derde. MPI Oosterlo (Geel) kaapte met ‘inrichting buitenruimte’ de hoofdprijs weg, voor de therapeutische tuin van De Schakel (Balen) en de Kiddybus van Kinderopvang Stijn (Mechelen).
Op hun congres bekronen de ZORG.tech-leden traditioneel ook de meest innovatieve, attractieve en informatieve stand. Deze keer riepen ze de gebundelde stand van Lynx (25/8-Haelvoet-Zumtobel Lighting) uit tot meest innovatieve stand, die van Poels en ABN Cleanrooms tot meest attractieve en die van Alcomel tot meest innovatieve stand. Congrescoördinator Roger Albertijn van ZORG.Tech is vanaf nu ook voorzitter van IFHE-EU.