De bewoners van WZC Sint-Jozef in Lier kregen begin december een vervroegd eindejaarscadeau. Nadat in een eerste fase al een L-vormig volume met 66 kamers verrees, kwamen er in tweede instantie nog eens 54 extra kamers bij, ondergebracht in een aangrenzend nieuwbouwgedeelte. De nieuwbouw volgt het bochtige traject van de Koningin-Astridlaan en kreeg dus een opvallende sikkelvorm. Een architecturale en bouwkundige uitdaging die bijzonder efficiënt werd aangepakt, onder meer door handig gebruik te maken van BIM en de Engineering & Build-formule.
De site van WZC Sint-Jozef ondergaat sinds enkele jaren een ingrijpende metamorfose. Na het D-blok – een nieuwe vleugel voor bewoners met dementie – tekende assar in opdracht van zorgorganisatie De Medemens ook een overkoepelend masterplan uit dat maximaal inzet op kleinschalig wonen, ruimtelijke logica en kwalitatieve buitenruimtes. De eerste exponent hiervan is de aanpalende nieuwbouw, die sinds kort volledig klaar is en op 3 december in gebruik werd genomen. “Doordat de site historisch gegroeid is vanuit een centraal gelegen klooster en de bebouwing zich dus niet aan de straatkant bevond, beschikte het woonzorgcentrum niet meteen over aangename eigen buitenruimtes”, vertelt projectarchitect Robbe Theunis. “Vandaar onze keuze om de bebouwing voortaan te concentreren aan de randen van het perceel, zodat de verouderde blokken in het binnengebied kunnen plaatsmaken voor een groene binnentuin. Het D-blok zette de toon en de nieuwbouw, die doorloopt naar de Koning-Astridlaan en zo als het ware een omarmende beweging maakt, sluit daar naadloos bij aan.”

Fase 1 van de nieuwbouw, die in 2024 werd opgeleverd, omvatte een L-vormig gedeelte en een vierkante centrale kern. Met zijn kenmerkende gebogen gevel maakt het sikkelvormige volume van fase 2 het plaatje compleet. “De nieuwbouw herbergt nu in totaal 120 kamers, verspreid over drie niveaus die telkens plaats bieden aan één afdeling van veertig kamers. Doordat de dagzalen en gemeenschappelijke functies (medicatieruimte, verpleegpost en verdeelkeuken) centraal ingeplant zijn, bevinden zich aan weerszijden hiervan kleinschaligere woongroepen van twintig kamers. De ruimtelijke indeling is dus volledig geënt op kleinschalig wonen, zonder dat dit zich vertaalt in lange loopafstanden of nood aan extra personeel. Eveneens vermeldenswaardig is dat er net als in fase 1 sprake is van zes ‘luxekamers’ met een afzonderlijke zithoek. Tot slot is er ook een leslokaal voor het volwassenenonderwijs (KISP) ingericht, met ruimte voor proefopstellingen van zorgbedden”, legt Theunis uit.
De ronde contouren van fase 2 vormden bouwkundig gezien de grootste uitdaging, geeft hij aan. “De kamers liggen in een waaiervorm langsheen de gebogen gang, wat ervoor zorgt dat ze licht trapeziumvormig zijn. En dat terwijl bouwmaterialen zoals vloertegels en plafondtegels uiteraard rechthoekig zijn. Ook de raamkaders en glasbladen hebben een rechte vorm, waardoor de gevel in onzichtbare segmenten werd uitgevoerd. Dit werd in nauw overleg met de aannemer uitgedacht, omdat het sterk gepaard gaat met de manier waarop en de volgorde waarin de ruwbouw werd opgetrokken. Gelukkig verliep alles erg snel en efficiënt zodra de nodige knopen waren doorgehakt. Dit omdat we in aanloop naar fase 1 al heel wat voorbereidend werk hadden geleverd, handig gebruikmaakten van BIM en de aannemer en studiebureaus door de toegepaste bouwformule (Engineering & Build) sneller konden starten en heel wat tijd konden winnen in de uitvoering.”

Zowel qua architecturale vormgeving als in ruimtelijke indeling borduurt fase 2 van de nieuwbouw voort op fase 1. De gevelopbouw is identiek, met een lichte gevelsteen, goudkleurig buitenschrijnwerk, uitkragende betonnen kaders met terrassen ter hoogte van de rustpunten in de gangen, …. Ditzelfde geldt voor het interieurconcept dat assar uitwerkte op basis van de huisstijl van De Medemens. “We creëerden een verwelkomende hotelsfeer met warme houttexturen en uitgekiende kleuraccenten”, zegt Theunis. “Elke verdieping kreeg bovendien een eigen typekleur en benaming: oranje voor Pallieter (gelijkvloers), groen voor Ravenstein (eerste verdieping) en blauw voor Belfort (tweede verdieping). Die typekleuren keren overigens niet alleen terug in gemeenschappelijke zones zoals de dagzalen en collectieve badkamers, maar ook ter hoogte van de kamerdeuren. Deze laatste zijn tevens uitgerust met een fraai lampje en naamkaartje, zodat ze als het ware aparte ‘adresjes’ vormen. Om voldoende contrast te creëren voor slechtzienden, lijnen donkere deurkaders en plinten alles scherp af. Om diezelfde reden werden de donkere sanitaire cellen uitgerust met witte accessoires.”
Het interieuradvies reikte tot in de kleinste details. Van de bewegwijzering tot de stoffering: alles past binnen eenzelfde kleurenpalet. “Daarnaast werden ook de texturen zorgvuldig uitgekozen in functie van een tactiele, zintuigelijke totaalbeleving. Vlak geverfde accentmuren worden vergezeld van een textuurbehang, gladde werkbladen zijn uitgerust met een gevlamde spatwand en gestoffeerde zetels kregen bijhorende egale bijzettafels. Zelfs de illustraties die je verwelkomen bij het uitstappen van de lift werden door ons uitgetekend in de stijl van de iconische Lierse auteur Felix Timmermans.”
Ook buiten is er niets aan het toeval overgelaten. Om ter hoogte van de straatgevels de privacy te waarborgen en inkijk te vermijden, is een strook buffergroen aangelegd. En doordat het gelijkvloers een meter hoger ligt dan de stoep, wordt het zicht van de bewoners niet belemmerd door geparkeerde auto’s. “Het zijn dergelijke doordachte ingrepen die subtiel de connectie met de omgeving garanderen. Je wilt de bewoners geborgenheid en privacy bieden, maar ook verwelkomend en transparant overkomen naar de buitenwereld. Daarom reiken de uitkragende betonkaders letterlijk naar buiten en werden de onvermijdelijke, vaak lelijke technische installaties op het dak in goud omhuld, als een kroon op het gebouw. In combinatie met zorgvuldige materiaalkeuzes gebaseerd op het kleurenpalet van de nabije omgeving nestelt het eindresultaat zich erg mooi in het straatbeeld”, besluit Theunis, die benadrukt dat het werk nog niet af is. “Op 5 januari starten we alweer met fase 3. Deze fase omvat de delicate afbraak van de resterende A-vleugel in het binnengebied, die plaatsmaakt voor een mooie binnentuin. Aansluitend krijgt het aangrenzende B-blok een nieuwe zuidgevel, inclusief een extra toegang tot het centrale onthaalgedeelte van de woonzorgcampus. Dit zal de doorwaadbaarheid van de site bevorderen. Of er nadien nog ingrepen volgen om ons masterplan volledig in de praktijk te brengen, is momenteel koffiedik kijken, maar hoe dan ook zal WZC Sint-Jozef tegen de zomer van 2026 een volledig nieuwe aanblik hebben en klaar zijn voor de toekomst.”
Neem dan rechtstreeks contact op met Assar Architecten.
Contact opnemen