Franciscus Gasthuis Rotterdam, het ziekenhuis van de toekomst is in gebruik
Na jaren van ontwerpen, afstemmen en bouwen is de vervangende nieuwbouw van Franciscus Gasthuis geen belofte meer, maar dagelijkse werkelijkheid. Het gebouw werd op 11 mei 2026 opgeleverd, in juni in gebruik genomen en op 8 juli feestelijk geopend. Daarmee is een intensief traject afgerond waarin een ziekenhuis van de toekomst letterlijk naast het bestaande ziekenhuis werd gebouwd. Nu de bouwhekken zijn verdwenen, wordt zichtbaar waar het al die tijd om draaide: een zorgomgeving waarin acute zorg, hoogcomplexe behandeling en gezinsgerichte zorg samenkomen, met ruimte voor patiënten, naasten en medewerkers én klaar voor de veranderingen die de zorg de komende decennia nog zal doormaken.
De opening markeerde meer dan het einde van een bouwproject. Op de begane grond bevindt zich Spoedplein Rotterdam Noord, waar de Spoedeisende Hulp en Huisartsenspoedpost in één omgeving samenwerken. Daarboven ligt het Operatie & Interventie Centrum, met alle operatiekamers en moderne operatie- en beeldvormingstechnieken op één verdieping. De bovenste twee verdiepingen vormen het Vrouw & Kind Centrum, ingericht rondom het kind, de vrouw en het gezin. Eénpersoonskamers maken het mogelijk dat ouders of verzorgers bij hun kind blijven. Daarnaast zijn er verloskamers voor de eerste lijn, een Ronald McDonald Huiskamer en een Kind & Familiedaktuin. Functies die ieder hun eigen eisen stellen aan logistiek, techniek, privacy, veiligheid en beleving.
Juist het samenbrengen ervan maakt de nieuwbouw tot een gebouw waarin zorgprocessen anders georganiseerd kunnen worden. Franciscus spreekt na de ingebruikname over een prettige, duurzame en toekomstbestendige omgeving. Niels Honig, voorzitter van de Raad van Bestuur van Franciscus, verwoordde het tijdens de opening als volgt: “Dit is een vriendelijke omgeving geworden, gericht op het welzijn van de patiënten en het gezin.”
Die menselijke kant staat naast een sterk technische opgave. Het nieuwe gebouw moet hoogcomplexe zorg faciliteren, maar tegelijkertijd een omgeving zijn waarin patiënten en hun naasten zich zo comfortabel mogelijk kunnen bewegen en verblijven. Tijdens de opening benadrukte Honig bovendien dat het resultaat tot stand kwam door de samenwerking en persoonlijke inzet van medewerkers, organisaties en partners. Het gebouw dat nu wordt gebruikt, is daarmee ook het tastbare eindresultaat van een langdurig gezamenlijk proces.

De nieuwbouw is het antwoord op een vraag die jaren geleden al op tafel lag: hoe vernieuw je een ziekenhuis zonder alleen voor de zorg van vandaag te bouwen? Het bestaande Franciscus Gasthuis, geopend in 1975, voldeed steeds minder aan de ruimtelijke en technische eisen van de moderne zorg. Renovatie werd onderzocht, maar bleek voor de gewenste combinatie van een nieuw Operatie & Interventie Centrum, Vrouw & Kind Centrum en de spoedvoorzieningen niet de passende route. De keuze viel daarom op vervangende nieuwbouw naast het bestaande ziekenhuis.
Daarmee verschoof ook de horizon van het project. Niet alleen de huidige organisatie moest in het gebouw passen; de structuur moest ook veranderingen in medische technologie, behandelmethoden en zorglogistiek kunnen opvangen. Bert Jan Grevink, directeur Locatievernieuwing bij Franciscus, benoemde die lange termijn tijdens een eerdere fase van het project treffend: “Een ziekenhuisgebouw gaat ongeveer veertig jaar mee. Vraag je dan af: hoe ziet de wereld er dan uit?”
Die vraag is in het gerealiseerde gebouw terug te vinden in zowel de constructie als architectuur. De draagstructuur is opgezet met een regelmatig grid van 7,20 bij 7,20 meter. Dragende gevelelementen dragen bij aan de stabiliteit, zodat vloervelden relatief vrij indeelbaar blijven. Scheidingswanden kunnen daardoor later eenvoudiger worden verplaatst wanneer functies veranderen. Ook de fundering is afgestemd op mogelijke toekomstige optoppingen. Flexibiliteit is zo geen abstract begrip, maar een bouwkundige eigenschap van het casco.

Voor a/d Amstel architecten begon toekomstbestendigheid niet alleen bij de techniek of maatvoering, maar bij de mensen die het ziekenhuis gebruiken. Zorgmedewerkers werden vroeg bij het ontwerpproces betrokken. Hun kennis van werkprocessen, looproutes en de dagelijkse praktijk kon zo rechtstreeks gebruikt worden om het ontwerp te toetsen en aan te scherpen. Tegelijkertijd is vanuit patiënten en bezoekers gekeken naar herkenbaarheid, rust, comfort en zelfredzaamheid. Take Vrijlandt, directeur a/d Amstel architecten: “Een ziekenhuis ontwerp je niet alleen vanuit tekeningen, normen en vierkante meters. Je moet begrijpen wat er iedere dag in het gebouw gebeurt. Daarom hebben we medewerkers en gebruikers vanaf het begin intensief bij het ontwerp betrokken. Hun ervaring, gecombineerd met onze kennis van zorgarchitectuur, heeft geleid tot een gebouw dat niet alleen vandaag goed werkt, maar zich ook kan aanpassen aan de zorg van morgen.”
Dat uitgangspunt is zichtbaar in keuzes die patiënten en medewerkers iedere dag ervaren. Afdelingen zijn herkenbaar door kleurgebruik en de bewegwijzering wordt ondersteund door speciaal ontworpen wandbeelden, glasvisuals en pictogrammen. Binnen het Vrouw & Kind Centrum is bewust afstand genomen van een strikt klinische uitstraling. Technische voorzieningen zijn waar mogelijk geïntegreerd in maatwerk timmerwerk, terwijl materialen, wandafwerkingen, organische vormen en beplanting bijdragen aan een zachtere sfeer. De architectuur blijft functioneel, maar laat die functionaliteit niet overal domineren.
BOUWKUNDIGE REALISATIE – BERGHEGE HEERKENS BOUWGROEP
Bouwen naast de zorg die doorgaat
Voor Berghege Heerkens bouwgroep lag de complexiteit van de vervangende nieuwbouw niet alleen in het ziekenhuisgebouw zelf, maar vooral in de omstandigheden waaronder het gerealiseerd werd. Samen met ULC-Unica werd gebouwd op korte afstand van het operationele Franciscus Gasthuis, met voortdurende aandacht voor bereikbaarheid, hinderbeperking, veiligheid en afstemming met de opdrachtgever.
Peter Kamermans, directievoorzitter van Berghege Heerkens bouwgroep: “Met deze vervangende nieuwbouw dragen we aan Franciscus een toekomstbestendig ziekenhuis over. In de complexiteit van bouwen naast een operationeel ziekenhuis en onze intensieve samenwerking met de opdrachtgever hebben we laten zien dat we elkaar als team versterken. Het resultaat is een gebouw dat niet alleen technisch vooruitstrevend én mooi is, maar bovenal de zorg optimaal ondersteunt. Daar ben ik trots op, want met dit gebouw leveren we als Berghege Heerkens bouwgroep samen met ULCUnica onze bijdrage aan iets wat er écht toe doet: de zorg voor mensen zoals jij en ik, jong en oud, moeder en kind, nu en in de toekomst.”

Een van de meest zichtbare ontwerpprincipes is de rol van daglicht en natuur. Zelfs de operatiekamers zijn voorzien van ramen voor natuurlijk daglicht. Vanwege de strenge hygiëne-eisen zijn deze ramen volledig naadloos in de ruimten geïntegreerd. Raamfolie met de skyline van Rotterdam geeft ze tegelijkertijd een herkenbare lokale identiteit.
Door het gebouw heen zorgt een cascade van binnentuinen voor groen, daglicht en zicht op de natuur. Bij de kinderafdeling is die gedachte doorgetrokken naar het dak. De Kind & Familiedaktuin is ook toegankelijk voor patiënten in bed. Daarmee wordt de buitenruimte niet alleen iets om vanuit het gebouw naar te kijken, maar een plek die daadwerkelijk onderdeel kan worden van verblijf en herstel.
Tijdens de officiële opening kreeg juist deze tuin nadrukkelijk aandacht. Voor Franciscus past de groene buitenruimte binnen de ambitie om een helende omgeving te creëren. Kinderen kunnen er ontdekken, spelen en bewegen, terwijl de tuin ook bedoeld is als plek om voor of na een behandeling tot rust te komen. Het onderstreept dat in het nieuwe ziekenhuis naast medische kwaliteit bewust ruimte is gemaakt voor het welzijn van patiënt en gezin.

Dat het eindresultaat rustig en vanzelfsprekend oogt, zegt weinig over de complexiteit van de uitvoering. De nieuwbouw verrees pal naast een ziekenhuis dat tijdens de bouw volledig in bedrijf bleef. Dat betekende dat bouwlogistiek, geluid, trillingen, veiligheid en bereikbaarheid voortdurend moesten worden afgestemd op de zorg. Ambulances, patiënten, bezoekers en medewerkers konden niet simpelweg plaatsmaken voor de bouw.
Daar kwam een lastige ondergrond bij. De locatie ligt op een voormalige vuilstortplaats, met dikke puinlagen tot circa tien meter diepte. Voor de fundering werd daarom gezocht naar een werkwijze die technisch betrouwbaar was en tegelijkertijd zo weinig mogelijk hinder veroorzaakte. Na een funderingsboorproef werd gekozen voor een trillingsarm funderingssysteem. Ook de verdere uitvoering van onder meer bouwput, grondwerk en bemaling moest passen binnen de milieukundige randvoorwaarden van de locatie.
Het bouwen naast acute ziekenhuisfuncties vroeg vervolgens om discipline in de dagelijkse uitvoering. Radio’s op de bouwplaats bleven uit en ambulanceroutes werden aangepast om de bereikbaarheid van de zorg te waarborgen. De invloed van de werkzaamheden op de ziekenhuisomgeving werd structureel met elkaar besproken. Peter-Willem van Lindenberg, lid van de Raad van Bestuur van Franciscus, typeerde die werkwijze tijdens de bouw met de woorden: “We werken letterlijk schouder aan schouder met de bouwpartners om dat mogelijk te maken.”

Voor de uitvoering werkte Franciscus met Bouwcombinatie Berghege-Heerkens-Unica-ULC VOF. Berghege Heerkens bouwgroep realiseerde het ziekenhuisgebouw samen met ULC en Unica. In een project waarin bouwkundige werkzaamheden, omvangrijke installaties, medische functies en een operationele zorgomgeving direct in elkaar grijpen, was samenwerking geen organisatorische bijzaak, maar een voorwaarde om het gebouw te kunnen realiseren.
De integraliteit wordt vooral zichtbaar in onderdelen die patiënten nauwelijks zien. Een ziekenhuis vraagt om een enorme hoeveelheid installatietechniek. Luchtbehandeling, elektriciteit, data, medische infrastructuur, regeltechniek en beveiliging moeten niet alleen afzonderlijk functioneren, maar ook als één geheel betrouwbaar samenwerken. In de uitvoering ging het onder meer om circa 250 kilometer databekabeling, een luchtverversingscapaciteit van 287.000 kubieke meter per uur en afzonderlijke luchtbehandelingskasten voor de operatiekamers. Tegelijkertijd bleef het bouwproces gericht op het uiteindelijke gebruik. Dat vraagt in een ziekenhuis om een ander perspectief dan alleen bouwen volgens tekening. Een ruimte kan bouwkundig gereed zijn en toch niet functioneren wanneer apparatuur, installaties, looproutes of hygiëne-eisen niet nauwkeurig op elkaar aansluiten. De kern van het proces zat daarom in het voortdurend verbinden van ontwerp, technische uitwerking en zorgpraktijk.

Ook duurzaamheid is op meerdere niveaus in het gebouw verwerkt. De nieuwbouw is volledig gasloos en maakt gebruik van warmtepompen, energieopslag en energieterugwinning. Zonnepanelen op zowel de nieuwbouw als bestaande daken voorzien in een deel van de energiebehoefte. De compacte gebouwopzet en geïsoleerde gebouwschil ondersteunen het beperken van het energiegebruik.
Maar bij een ziekenhuis dat decennialang mee moet gaan, zit duurzaamheid niet uitsluitend in energiegebruik. De mogelijkheid om functies later te wijzigen zonder ingrijpende sloop is minstens zo relevant. De vrije indeelbaarheid van de vloeren, de constructieve opzet en de ruimte om installaties aan te passen verlengen de bruikbaarheid van het gebouw. Daarmee wordt flexibiliteit ook een vorm van materiaalbesparing: wat kan worden aangepast, hoeft niet vroegtijdig te worden vervangen.

Aan de buitenzijde krijgt die combinatie van duurzaamheid en langdurig gebruik een herkenbaar gezicht. De gevel is opgebouwd als een lichtgekleurd raster van metselwerk en glas. Het metselwerk is niet alleen gekozen vanwege de robuuste en onderhoudsarme uitstraling, maar levert ook een bijdrage aan de geluidwering richting de nabijgelegen snelweg. Tegelijk zorgt het glas voor de gewenste hoeveelheid daglicht. Zo wordt ook in de gevel gezocht naar dezelfde balans die binnen het hele project terugkomt: een gebouw dat technisch moet presteren, bestand moet zijn tegen intensief gebruik en tegelijkertijd een open en aangename zorgomgeving wil zijn.
ARCHITECTUUR – A/D AMSTEL ARCHITECTEN
Ontworpen vanuit de mens én de toekomst
Voor a/d Amstel architecten draaide de nieuwbouw van Franciscus Gasthuis vanaf het begin om de vraag hoe een ziekenhuis prettig kan functioneren voor patiënten en medewerkers én kan meebewegen met toekomstige veranderingen in de zorg. Zorgmedewerkers werden daarom actief betrokken bij het ontwerpproces. Hun praktijkervaring kreeg een directe vertaling in routes, ruimten en de organisatie van afdelingen.
Take Vrijlandt, directeur a/d Amstel architecten: “Een ziekenhuis ontwerp je niet alleen vanuit tekeningen,normen en vierkante meters. Je moet begrijpen wat er iedere dag in het gebouw gebeurt.” Die benadering is terug te zien in het hele gebouw. Daglicht, natuur, herkenbare kleuren, toegankelijke bewegwijzering en een huiselijker karakter ondersteunen de patiëntbeleving. Tegelijk maken vrij indeelbare vloeren, een passende kolommenstructuur en slimme geveldetails latere aanpassingen mogelijk. Zo is een zorgomgeving ontstaan waarin functionaliteit, beleving en flexibiliteit elkaar versterken.
Op 11 mei 2026 werd de vervangende nieuwbouw officieel opgeleverd. Daarmee kwam een bouwperiode die medio 2023 begon formeel ten einde. In juni werd het ziekenhuisgebouw in gebruik genomen. Op 8 juli volgde vervolgens de feestelijke officiële opening, waarbij burgemeester Carola Schouten het lint bij de entree van Spoedplein Rotterdam Noord doorknipte.
Dat verschil tussen oplevering en ingebruikname is wezenlijk. Voor de bouwpartners betekent oplevering dat het gerealiseerde gebouw wordt overgedragen. Voor Franciscus begint vervolgens waar het project uiteindelijk voor bedoeld is: zorg verlenen in de nieuwe omgeving.
Pas wanneer patiënten er hun weg vinden, medewerkers de nieuwe routes gebruiken en de operatiekamers, het Spoedplein en het Vrouw & Kind Centrum daadwerkelijk functioneren, wordt zichtbaar hoe alle ontwerp- en bouwbeslissingen samenkomen.
Het antwoord is inmiddels niet meer alleen op tekeningen, in BIM-modellen of in technische specificaties te beoordelen. Het gebouw wordt gebruikt. Spoedzorg, operatieve en interventiezorg en vrouw- en kindzorg hebben hun nieuwe plek gekregen. Daglicht valt de behandel- en verblijfsruimten binnen, de technische installaties ondersteunen de processen en groen en buitenruimte maken daadwerkelijk deel uit van de zorgomgeving. Het ziekenhuis van de toekomst is daarmee van projectambitie veranderd in dagelijkse werk- en verblijfsomgeving.
Voor de betrokken partijen is de oplevering vanzelfsprekend een moment van trots. Jarenlange afstemming tussen ziekenhuis, architecten, adviseurs, bouwers, installateurs en gebruikers heeft geleid tot een gebouw dat technisch geavanceerd is, maar tegelijkertijd nadrukkelijk op de menselijke maat is ontworpen. Dat is misschien de belangrijkste balans in het project: hightech waar de zorg dat nodig heeft, rust en herkenbaarheid waar patiënten en gezinnen dat ervaren.
De term ‘ziekenhuis van de toekomst’ krijgt daardoor een concrete betekenis. Niet omdat exact kan worden voorspeld hoe de zorg over twintig of veertig jaar wordt georganiseerd, maar omdat het gebouw ruimte laat voor verandering. De constructie kan andere indelingen dragen, installaties kunnen worden aangepast en functies zijn zo georganiseerd dat samenwerking tussen disciplines wordt ondersteund. Tegelijkertijd zijn daglicht, natuur, oriëntatie en verblijfskwaliteit vanaf het begin als volwaardige ontwerpeisen behandeld.
Met de officiële opening is deze fase van de vernieuwing afgerond, maar Franciscus kijkt al verder. De voorbereidingen voor de volgende fase van het masterplan zijn inmiddels gestart. Het nieuwe gebouw vormt daarmee zowel een eindpunt als een vertrekpunt: het sluit een intensief ontwerp- en bouwproces af en legt tegelijk de basis voor de verdere ontwikkeling van de locatie.
Wat ooit begon met de vraag hoe Franciscus op de bestaande locatie kon vernieuwen, staat er nu als volledig operationele zorgomgeving. De bouwplaats is verdwenen; de zorg heeft het gebouw overgenomen. Precies daarin zit uiteindelijk het succes van het project. Niet alleen in het feit dat de nieuwbouw is opgeleverd, maar vooral dat hij nu doet waarvoor hij is ontworpen: hoogwaardige zorg ondersteunen, vandaag én met voldoende ruimte voor morgen.
GORDIJNSTOFFEN ARTIMO
Meer dan gordijn-stoffen: projectkennis als meerwaarde
Bij een zorgproject als de nieuwbouw van het Franciscus Gasthuis in Rotterdam komt de juiste gordijnoplossing niet vanzelf uit een stofstaal. Al jarenlang werkt Artimo textiles daarom vanuit een bredere rol: niet alleen als leverancier van projectstoffen, maar als inhoudelijke projectpartner die ontwerp, functionaliteit en technische uitvoerbaarheid met elkaar verbindt.
Voor het Franciscus Gasthuis vormde het interieurontwerp van architectenbureau a/d amstel architecten het uitgangspunt. Artimo werkte dit verder uit tot een compleet functioneel en esthetisch ontwerp voor de gordijnoplossingen en presenteerde dit aan de opdrachtgever. Ook het bestek, inclusief maatvoeringen en technische specificaties, werd door Artimo opgesteld. “Hierdoor kon Franciscus verschillende partijen op basis van exact dezelfde uitgangspunten laten offreren en de aanbiedingen daadwerkelijk als ‘appels met appels’ vergelijken”, zegt Raymond van Hal, eigenaar van Artimo.
Na de gunning aan projectinrichter Kuyvenhoven, gespecialiseerd in zorginrichting, bleef Artimo het proces begeleiden. “Juist die betrokkenheid in iedere fase is kenmerkend voor onze werkwijze”, aldus Van Hal. “De kracht zit niet alleen in de stof zelf, maar in de kennis en begeleiding die nodig zijn om tot een onderbouwde, uitvoerbare en passende projectoplossing te komen waarin de wensen van de opdrachtgever, architect en projectinrichter samenkomen.”
Neem dan rechtstreeks contact op met Artimo Textiles.
Contact opnemen